Strafrecht overig
Gerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Strafrecht overig
ECLI:NL:GHAMS:2019:540 · Gerechtshof Amsterdam · 6 februari 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2019-540
Zaakgegevens
Op 6 februari 2019 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 6 februari 2019
- Datum publicatie
- 26 februari 2019
- Zaaknummer
- 13/684486-18
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2019:540
Samenvatting
Geen gelijke casus
Uitspraak
Inhoudsopgave
13/684486-18
GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982,
wonende te [adres],
thans verblijvende in het huis van bewaring Justitieel Complex Zaanstad te Westzaan,
tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 21 januari 2019, voor zover houdende bevel tot verlenging van de geldigheidsduur van zijn gevangenhouding.
De feiten en de rechtsgang
Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Amsterdam van
23 januari 2019, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beschikking van die rechtbank.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman, mr. J. Kleiman.
Bij de behandeling in raadkamer heeft de raadsman namens de verdachte een mondeling schorsingsverzoek gedaan.
De beoordeling
Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust, onder overneming van de motivering van de rechter-commissaris.
Het hof is van oordeel dat een omstandigheid als bedoeld in artikel 67a, derde lid, Sv zich thans niet voordoet. De raadsman heeft zich bij het bepleiten van het tegendeel beroepen op een arrest van dit hof uit 2018 waarin sprake zou zijn van een soortgelijk feitencomplex, bestraft met een voorwaardelijke gevangenisstraf en een taakstraf. Het hof is niet nu al gebleken dat er in deze zaak sprake zou zijn van een gelijke casus, zeker niet waar het de persoon van de verdachte met inbegrip van diens strafblad betreft.
Wat betreft het schorsingsverzoek constateert het hof dat een gedegen reclasseringsrapport met mogelijke schorsingsvoorwaarden en een concreet plan van aanpak op dit moment ontbreekt. Om die reden zal dit verzoek worden afgewezen.
13/684486-18
De beslissing
Het hof:
WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.
WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.
Deze beschikking is gegeven op 6 februari 2019 in raadkamer van dit hof door
mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,
mrs. M.M.H.P. Houben en B. van der Werf, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S.A.M. Borg als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.
Amsterdam, 6 februari 2019,
de advocaat-generaal