Strafrecht overig

Bedreiging met enig misdrijf tegen leven gericht (art. 285 Sr) door tegen beveiliger van winkel te zeggen…

Zaakgegevens

Op 27 januari 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
27 januari 2021
Datum publicatie
3 februari 2021
Zaaknummer
23-001410-20
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2021:265
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Bedreiging met enig misdrijf tegen leven gericht (art. 285 Sr) door tegen beveiliger van winkel te zeggen "dat als hij die medewerker die hij eerst sprak tegenkomt, hij hem slaat tot hij niet meer ademt". Vw. TS 15 uren, subs 7 dgn hechtenis, PT 1 jaar.

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer eerste aanleg : 13-242628-17

parketnummer hoger beroep : 23-001410-20

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 27 januari 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 18 januari 2018 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte]

voornamen: [verdachte]

geboren: op [geboortedag] 1992 te [geboorteplaats] ([geboorteland])

adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 63 en 285 van het Wetboek van Strafrecht.

gepleegd
op 29 november 2017 te Amsterdam.

BESLISSING

Het hof:

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 15 (vijftien) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 7 (zeven) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van 1 (één) jaar aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde taakstraf in mindering zal worden gebracht, volgens de maatstaf van twee uren taakstraf per in voorarrest doorgebrachte dag, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Gewezen door mr. P.C. Kortenhorst, in bijzijn van mr. E.J. de Vries en mr. R.L. Vermeulen, griffiers.

mr. P.C. Kortenhorst

De verdachte en de advocaat-generaal hebben ter terechtzitting afstand gedaan van het recht beroep in cassatie in te stellen.