Strafrecht overig

Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel nu verdachte is vrijgesproken van de ten…

Zaakgegevens

Op 16 augustus 2022 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
16 augustus 2022
Datum publicatie
22 augustus 2022
Zaaknummer
23-004181-19
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2022:2438
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel nu verdachte is vrijgesproken van de ten laste gelegde hennepteelt.

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-004181-19

datum uitspraak: 16 augustus 2022

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 1 november 2019 op de vordering van het openbaar ministerie ingevolge artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht in de ontnemingszaak met nummer

15-008099-18 tegen de betrokkene

[verdachte01] ,

geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1983,

adres: [adres01] , [postcode01] [plaats01] .

Procesgang

Het openbaar ministerie heeft in eerste aanleg gevorderd dat aan de betrokkene de verplichting zal worden opgelegd tot betaling van € 39.172,29 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

De betrokkene is bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 1 november 2019 -kort gezegd- veroordeeld ter zake van hennepteelt en diefstal van water en elektriciteit.

Voorts heeft de politierechter in de rechtbank Noord-Holland bij vonnis van 1 november 2019 de betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling van € 5.419,33 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

De betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen beide vonnissen.

Het openbaar ministerie heeft in hoger beroep opnieuw gevorderd dat aan de betrokkene een betalingsverplichting ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel zal worden opgelegd, geschat tot een bedrag van € 39.172,29.

De betrokkene is bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 16 augustus 2022 vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

van 2 augustus 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het

Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de betrokkene en de raadsman mr. B.K. Hummen, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.

Afwijzing ontnemingsvordering

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof in de strafzaak de betrokkene heeft vrijgesproken.

Dit brengt mee dat de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel zal worden afgewezen.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Wijst af de vordering strekkende tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel voor zover verband houdende met de strafzaak met parketnummer 23-004179-19.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.P.M. van Rijn, mr. S. Clement en mr. P.C. Verloop, in tegenwoordigheid van

mr. A.S. de Bruin, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van

16 augustus 2022.

Mr. Verloop is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

=========================================================================[…]