Strafrecht overig

Bevestiging vonnis, behalve ten aanzien van de beslissing vordering tenuitvoerlegging.

Zaakgegevens

Op 8 september 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
8 september 2026
Datum publicatie
8 september 2026
Zaaknummer
23-002187-25
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:2563
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Bevestiging vonnis, behalve ten aanzien van de beslissing vordering tenuitvoerlegging.

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-002187-25

datum uitspraak: 8 september 2026

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 9 september 2025 in gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-171771-25 en 96-012003-25, alsmede 16-118602-25 (TUL) tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1991,

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van

25 augustus 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsvrouw naar voren hebben gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen behalve ten aanzien van de beslissing vordering tenuitvoerlegging. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft de tenuitvoerlegging gevorderd van de bij vonnis van de politierechter van de rechtbank Amsterdam van 2 mei 2025 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 26 dagen. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.

De raadsvrouw heeft het hof ter terechtzitting primair verzocht om de vordering tenuitvoerlegging af te wijzen en subsidiair om de voorwaardelijke gevangenisstraf om te zetten in een taakstraf.

Het hof overweegt als volgt.

Gebleken is dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Voor de effectiviteit en de geloofwaardigheid van de regeling omtrent voorwaardelijke straffen en de daarbij behorende algemene (en bijzondere) voorwaarden, is essentieel dat overtreding van deze voorwaarden niet vrijblijvend is en dat daaraan in beginsel gevolgen worden verbonden. In de actuele persoonlijke situatie van de verdachte ziet het hof evenwel aanleiding om, in plaats van de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf, een taakstraf te gelasten van na te melden duur.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de vordering tenuitvoerlegging tot gevangenisstraf en doet in zoverre opnieuw recht.

Gelast in plaats van het bevelen van de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter van de rechtbank Amsterdam van 2 mei 2025 met parketnummer 16-118602-25, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van 26 dagen, een taakstraf voor de duur van 100 (honderd) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door 26 (zesentwintig) dagen hechtenis.

Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Koolen – Zwijnenburg, mr. N.E. Kwak en mr. F.C.W. de Graaf, in tegenwoordigheid van mr. P.E. de Wildt, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 8 september 2026.

De jongste rechter en de griffier zijn buiten staat het arrest te tekenen.

=========================================================================

[…]