Strafrecht overig
Verdachte wenst zijn hoger beroep niet meer te handhaven. Niet is gebleken van enig rechtens te respecteren…
ECLI:NL:GHAMS:2026:952 · Gerechtshof Amsterdam · 27 maart 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2026-952
Zaakgegevens
Op 27 maart 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 27 maart 2026
- Datum publicatie
- 10 april 2026
- Zaaknummer
- 23-002671-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2026:952
Samenvatting
Verdachte wenst zijn hoger beroep niet meer te handhaven. Niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak. Gelet op artikel 416 lid 2 Sv wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep.
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002671-25
datum uitspraak: 27 maart 2026
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 14 november 2025 in de strafzaak onder parketnummer 15-233900-25 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1999,
adres: zonder bekende woon- of verblijfplaats,
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 27 maart 2026.
Het hof heeft kennisgenomen van de e-mail van de raadsman van de verdachte van 26 maart 2026 met daarin het verzoek de verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in zijn hoger beroep.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het
hoger beroep conform artikel 416 lid 2 Wetboek van Strafvordering.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Nu de raadsman ter terechtzitting te kennen heeft gegeven dat de verdachte het hoger beroep niet wenst te handhaven, moet de verdachte geacht worden de eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren in te trekken. Daarom zal hij, nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M. Iedema, mr. M.J.A. Duker en mr. B. de Wilde, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Steur, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 maart 2026.
Mr. B. de Wilde is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]