Strafrecht overig
Afwijzing beklag artikel 12. Naar het oordeel van het hof is sprake van een zakelijk conflict tussen klager…
Gerechtshof Amsterdam, 9 september 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3282 · Gerechtshof Amsterdam · 9 september 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/raadkamer/ecli-nl-ghams-2021-3282
Zaakgegevens
Op 9 september 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 9 september 2021
- Datum publicatie
- 1 november 2021
- Zaaknummer
- K20/230443
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- RaadkamerRaadkamerEen zitting die niet openbaar is, bijvoorbeeld over voorlopige hechtenis of een klacht over niet-vervolging.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3282
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Afwijzing beklag artikel 12. Naar het oordeel van het hof is sprake van een zakelijk conflict tussen klager en beklaagde. Voor klager staat de gang naar de civiele rechter open.
Uitspraak
afdeling strafrecht
beklagkamer
rekestnummer K20/230443
Beschikking op het beklag van:
[klager],
wonende te [plaats],
klager.
1 Het beklag
Voor het verloop van de procedure en het verhandelde in raadkamer verwijst het hof naar zijn tussenbeschikking van 1 juli 2021.
2 Het verdere verloop van de procedure
Het hof heeft naast de in de tussenbeschikking genoemde stukken kennisgenomen van
de op 4 juni 2021 binnengekomen brief van klager, met daarbij gevoegd een expertiserapport van 17 mei 2021.
Voorts heeft het hof beklaagde in de gelegenheid gesteld op 16 augustus 2021 te worden gehoord. Beklaagde is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet in raadkamer verschenen.
De advocaat-generaal is bij de behandeling in raadkamer aanwezig geweest. In hetgeen in raadkamer naar voren is gekomen heeft deze geen aanleiding gevonden de conclusie in het verslag te herzien.
3 De beoordeling van het beklag
Klager heeft aangifte gedaan tegen beklaagde ter zake van gekwalificeerde diefstal, gepleegd op 16 en/of 17 juni 2020. Volgens klager heeft beklaagde zich (onbevoegd) begeven op privéterrein van een zeilvereniging en een stuurwiel met toebehoren van het vaartuig van klager meegenomen.
Voor de weergave van de feitelijke uitgangspunten die van belang zijn voor de beoordeling verwijst het hof naar de inhoud van het ambtsbericht.
Het beoordelingskader
Het hof heeft te beoordelen of de strafrechter die over deze zaak zou moeten oordelen – al dan niet na nader onderzoek – zou kunnen komen tot een veroordeling voor enig strafbaar feit. Daarnaast moet het hof beoordelen of er, gelet op alle omstandigheden, voldoende belang is bij het alsnog instellen van strafrechtelijke vervolging. Indien het antwoord op beide vragen bevestigend luidt, zal een bevel tot vervolging worden gegeven.
De overwegingen van het hof
Op basis van de verklaringen van klager en beklaagde en de verschillende stukken die door klager zijn ingebracht kan worden geconcludeerd dat sprake is van een zakelijk conflict tussen partijen over onderhoud aan een vaartuig van klager. Klager is niet tevreden over de door beklaagde geleverde prestaties, heeft beklaagde in gebreke gesteld en de aan hem, klager, gerichte facturen niet betaald. Beklaagde heeft hierop een stuurwiel (met toebehoren) van het vaartuig in retentie genomen.
Naar het oordeel van het hof is het bij uitstek de civiele rechter aan wie dit zakelijk conflict moet worden voorgelegd. Voor klager staat de gang naar de civiele rechter open. Daar kan hij (desgewenst) afgifte van het stuurwiel met toebehoren en/of schadevergoeding vorderen.
Het hof is dan ook van oordeel dat er goede redenen zijn om in deze zaak geen vervolging te gelasten. Het beklag is ongegrond.
Het hof zal daarom als volgt beslissen.
4 De beslissing
Het hof wijst het beklag af.
Deze beschikking, waartegen voor betrokkenen geen rechtsmiddel openstaat, is gegeven op
9 september 2021 door mrs. A.D.R.M. Boumans, voorzitter, V. Mul en P.F.E. Geerlings, raadsheren, in tegenwoordigheid van K. van der Togt, griffier, en ondertekend door de jongste raadsheer en de griffier.