Verbintenissenrecht
Tussenarrest om bewindvoerder in procedure te betrekken. Na het wijzen van het vonnis is geïntimeerde onder…
Gerechtshof Den Haag, 5 april 2022
ECLI:NL:GHDHA:2022:2112 · Gerechtshof Den Haag · 5 april 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/civiel-recht/verbintenissenrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2022-2112
Zaakgegevens
Op 5 april 2022 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 5 april 2022
- Datum publicatie
- 24 oktober 2022
- Zaaknummer
- 200.284.457
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.H.J Joosten te Arnhem, mr. E.J. van Pelt te Zwijndrecht
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2022:2112
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Tussenarrest om bewindvoerder in procedure te betrekken. Na het wijzen van het vonnis is geïntimeerde onder bewind gesteld.
Procesgang
Rechtbank Rotterdam · 25 juni 2020
ECLI:NL:RBROT:2020:5565Gerechtshof Den Haag · 5 april 2022deze uitspraak
ECLI:NL:GHDHA:2022:2112
Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Afdeling Civiel recht
Zaaknummer hof : 200.284.457/01
Zaak- en rolnummer rechtbank : 7967941 CV EXPL 19-5305
Publicatienummer eindvonnis : ECLI:NL:RBROT:2020:5565
Arrest van 5 april 2022
in de zaak van
[appellant] ,
wonend in [woonplaats],
appellant,
hierna te noemen: de vader,
advocaat: mr. J.H.J. Joosten te Arnhem,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonend in [woonplaats],
geïntimeerde,
hierna te noemen: [de zoon],
advocaat: mr. E.J. van Pelt te Zwijndrecht.
1 De zaak in het kort
Deze zaak gaat over de vraag of de bedragen die de vader aan [de zoon] heeft betaald moeten worden terugbetaald of dat er sprake is van een schenking. De kantonrechter heeft vader bewijs opgedragen van zijn stelling dat partijen hebben afgesproken dat [de zoon] de bedragen zou terugbetalen. Omdat de vader niet in dit bewijs is geslaagd, heeft de kantonrechter de vorderingen van de vader afgewezen. Na het wijzen van het vonnis is [de zoon] onder bewind gesteld. In dit arrest stelt het hof de vader in de gelegenheid om de bewindvoerder op te roepen in het geding.
2 Procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
-
de processtukken van de eerste aanleg waaronder de door de kantonrechter te Dordrecht tussen partijen gewezen vonnissen van 6 februari 2020 en 25 juni 2020;
-
de dagvaarding in hoger beroep van 15 september 2020 van de vader;
-
het arrest van dit hof van 8 december 2020, waarin een mondelinge behandeling is gelast (deze is niet gehouden);
-
de memorie van grieven van de vader;
-
de memorie van antwoord van [de zoon], met bijlage.
3 Tussenbeslissing van het hof
Als bijlage bij de memorie van antwoord is een kopie van de beschikking van de kantonrechter te Dordrecht overgelegd van 26 augustus 2020. Bij die beschikking zijn alle goederen van [de zoon] onder bewind gesteld en is BilancioBudget B.V. tot bewindvoerder benoemd.
Ingevolge artikel 1:441 lid 1 BW vertegenwoordigt de bewindvoerder de rechthebbende in en buiten rechte. Dat betekent dat de bewindvoerder in een eventueel geding over een onder bewind gesteld goed optreedt als formele procespartij ten behoeve van de rechthebbende.
Het hof overweegt dat de bewindvoerder, BilancioBudget B.V., thans niet in het geding is betrokken terwijl de procedure een geldvordering betreft. Het hof zal de vader in staat stellen om de bewindvoerder op te roepen om in het geding te verschijnen (HR 7 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:525).
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
4 Beslissing
Het hof:
stelt de vader in staat BilancioBudget B.V., Postbus 92, 3780 BB Voorthuizen, op te roepen om in het geding te verschijnen ter rolle van 3 mei 2022;
verwijst de zaak naar de rol van 3 mei 2022 voor oproepen bewindvoerder;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. A.A. Muilwijk-Schaaij, J.E.H.M. Pinckaers en J. van de Klashorst in het openbaar uitgesproken op 5 april 2022 in aanwezigheid van de griffier.