Strafrecht overig
verdachte niet-ontvankelijk. Gepubliceerd naar aanleiding van arrest van de Hoge Raad.
ECLI:NL:GHDHA:2024:2870 · Gerechtshof Den Haag · 8 juli 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2024-2870
Zaakgegevens
Op 8 juli 2024 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 8 juli 2024
- Datum publicatie
- 10 september 2025
- Zaaknummer
- 22-003031-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2024:2870
Samenvatting
verdachte niet-ontvankelijk. Gepubliceerd naar aanleiding van arrest van de Hoge Raad.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 8 juli 2024deze uitspraak
ECLI:NL:GHDHA:2024:2870
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 mei 2025
ECLI:NL:PHR:2025:791Hoge Raad · 8 juli 2025
ECLI:NL:HR:2025:1073(Gedeeltelijke) vernietiging met terugwijzenVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Uitspraak
Inhoudsopgave
Gerechtshof Den Haag
enkelvoudige kamer voor strafzaken
Rolnummer: 22-003031-22
Parketnummers: 96-044325-22 en 96-064255-19 (TUL)
VERSTEK
Uitspraak van mr. L. Verheij van 8 juli 2024 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte],
voornamen: [verdachte],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats], [woonadres].
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De verdachte heeft niet een schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
mr. L. Verheij