Bestuursstrafrecht

Gerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht

Gerechtshof Leeuwarden, 29 mei 2002

Zaakgegevens

Op 29 mei 2002 heeft het Gerechtshof Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
29 mei 2002
Datum publicatie
4 april 2013
Zaaknummer
WAHV 02-00136
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHLEE:2002:AE4476
E-mail

Samenvatting

Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.

Uitspraak

WAHV 02/00136

29 mei 2002

CJIB 36578983

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter te Eindhoven

van 13 november 2001

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [woonplaats]

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement 's-Hertogenbosch niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van fl 220,00 (= Euro€ 99,83) opgelegd ter zake van "overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen (gedragsregel); meer dan 25 km/h en t/m/ 30 km/h", welke gedraging zou zijn verricht op 7 september 2000 op de Eisenhowerlaan te Eindhoven.

3.2. De kantonrechter heeft de betrokkene in zijn beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding, terwijl niet blijkt uit het proces-verbaal van de zitting, dat de betrokkene in de gelegenheid is gesteld zich omtrent die termijnoverschrijding uit te laten. Op grond van beginselen van een goede procesorde kan derhalve de beslissing van de kantonrechter niet in stand blijven.

3.3. Dit kan echter de betrokkene niet baten. Immers, noch in zijn beroepschrift, noch in een nadere toelichting op het verweerschrift voert de betrokkene feiten of omstandigheden aan op grond waarvan de beslissing van de kantonrechter, inhoudende - zakelijk weergegeven -dat de termijnoverschrijding bij het indienen van het beroepschrift tegen de beslissing van de officier van justitie niet op grond van artikel 6:11 van de Algemene Wet Bestuursrecht kan worden verontschuldigd, onjuist zou zijn.

3.4. De kantonrechter heeft derhalve terecht de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de beslissing van de kantonrechter.

verklaart het bij de kantonrechter ingestelde beroep niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door mr. Kalsbeek, in tegenwoordigheid van mr. Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.