Arbeidsrecht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Arbeidsrecht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 3 december 2013

Zaakgegevens

Op 3 december 2013 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
3 december 2013
Datum publicatie
4 december 2013
Zaaknummer
HD 200 113 303_01 H
Rechtsgebied
Civiel recht Arbeidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. A van Hoey Smith te Rotterdam, mr. A.P Hovinga te Rotterdam
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2013:5908
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

herstelarrest

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 18 juni 2013

    ECLI:NL:GHSHE:2013:2629
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 3 december 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:GHSHE:2013:5908

  3. Conclusie A-G · 20 juni 2014

    ECLI:NL:PHR:2014:704
  4. Hoge Raad · 3 oktober 2014

    ECLI:NL:HR:2014:2895

    (Gedeeltelijke) vernietiging met verwijzen · Conclusie gevolgd

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer HD 200.113.303/01

arrest van 3 december 2013 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv van het arrest, gewezen op 18 juni 2013

in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is geweest tussen

Saint-Gobain Weber Beamix B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

appellante in principaal appel,

geïntimeerde in incidenteel appel,

advocaat: mr. A. van Hoey Smith te Rotterdam,

tegen:

[de man],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde in principaal appel,

appellant in incidenteel appel,

advocaat: mr. A.P. Hovinga te Rotterdam,

Bij brief van 11 november 2013 heeft mr. A.P. Hovinga aan de griffier van het hof bericht dat het hem voorkomt dat het dictum van het arrest een kennelijke fout bevat, te weten de vermelding dat het arrest is uitgesproken op 11 juni 2013, terwijl in de kop van het arrest als uitspraakdatum 18 juni 2013 is aangegeven.

Bij brief van 14 november 2013 is mr. A. van Hoey Smith in de gelegenheid gesteld namens zijn cliënte zijn mening hierover aan het hof kenbaar te maken. Mr. Van Hoey Smith heeft van die mogelijkheid binnen de hem gestelde termijn van veertien dagen gebruik gemaakt en aangegeven dat hij zich met betrekking tot de door mr. Hovinga verzochte verbetering refereert.

Het hof is van oordeel dat mr. Hovinga terecht heeft geconcludeerd dat sprake is van een kennelijke fout. Vaststaat dat het arrest is uitgesproken op 18 juni 2013.

Vermeld arrest zal mitsdien op de volgende wijze worden verbeterd.

Het hof:

Bepaalt dat in het dictum van het tussen bovenvermelde partijen gewezen arrest van 18 juni 2013 de vermelding dat het arrest is gewezen op 11 juni 2013 moet worden verbeterd en gewijzigd in 18 juni 2013.

Bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum van 3 december 2013 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 18 juni 2013.

Dit arrest is gewezen door mrs. Chr.M. Aarts, C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden en A.P. Zweers en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 3 december 2013.