Civiel recht overig
Hoger beroep is ingesteld door appellant zelf, door middel van een brief. De griffie van het hof heeft…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 maart 2015
ECLI:NL:GHSHE:2015:712 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 5 maart 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2015-712
Zaakgegevens
Op 5 maart 2015 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 5 maart 2015
- Datum publicatie
- 5 maart 2015
- Zaaknummer
- HV 200 160 793_01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2015:712
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Hoger beroep is ingesteld door appellant zelf, door middel van een brief. De griffie van het hof
heeft appellant tot tweemaal toe in de gelegenheid gesteld een beroepschrift door middel van een advocaat in te stellen. Appellant heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt en het verzuim derhalve niet hersteld.
Enige tijd later volgt een brief van een advocaat die namens appellant laat weten dat het beroep wordt ingetrokken.
Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard. Niet is voldaan aan de vereisten van artikel 359 Rv juncto artikel 278 Rv. De latere intrekking via een advocaat doet hier niet aan af, nu het verzuim nimmer is hersteld.
Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
Sector civiel recht
Uitspraak: 5 maart 2015
Zaaknummer: HV 200.160.793/01
Zaaknummer eerste aanleg: C/03/11/539 R
in de zaak in hoger beroep van:
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen : [appellante].
1 Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst naar het vonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, van 25 november 2014.
2 Het geding in hoger beroep
[appellante] heeft, nu zij het met de beslissing niet eens is, bij brief van 1 december 2014 bezwaar gemaakt tegen bovengenoemd vonnis. Vervolgens heeft de griffie van het gerechtshof - nu [appellante] had verzuimd een beroepschrift in te dienen door middel van een advocaat - [appellante] in de gelegenheid gesteld om alsnog haar verzuim te herstellen, zowel bij brief van 8 december 2014 als bij schrijven van 12 januari 2015. Van deze door de griffie geboden mogelijkheid heeft [appellante] evenwel geen gebruik gemaakt.
Op 20 februari 2015 heeft mr. J.A. van Gemeren, een in bovengenoemde zaak niet geregistreerde advocaat, op verzoek en in opdracht van [appellante] het gerechtshof onder meer laten weten dat de al eerder ingeschreven zaak als ingetrokken dient te worden beschouwd.
3 De beoordeling
Ingevolge artikel 359 Rv juncto 278 Rv dient een beroepschrift door een advocaat te worden ingediend. In het geval van [appellante] is hier evenwel niet aan voldaan. Nu [appellante] het hoger beroep destijds niet op de juiste wijze heeft ingesteld, zal [appellante] niet-ontvankelijk worden verklaard in haar verzoek. De latere intrekking van 20 februari 2015 doet aan dit eerdere, nadien nooit meer herstelde verzuim niet af.
4 De beslissing
Het hof:
verklaart [appellante] niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Dit arrest is gewezen door mrs. L.Th.L.G. Pellis, P.J.M. Bongaarts en J.J. Minnaar en in het openbaar uitgesproken op 5 maart 2015.