Verbintenissenrecht
Is de Rabobank bevoegd om op grond van een akte van cessie een koopovereenkomst op grond van een wilsgebrek…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 december 2017
ECLI:NL:GHSHE:2017:5363 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 5 december 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/civiel-recht/verbintenissenrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2017-5363
Zaakgegevens
Op 5 december 2017 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 5 december 2017
- Datum publicatie
- 5 december 2017
- Zaaknummer
- 200.205.591_01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. E.L de Haan te Tilburg, mr. J.C.T Papeveld te Waalwijk
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2017:5363
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Is de Rabobank bevoegd om op grond van een akte van cessie een koopovereenkomst op grond van een wilsgebrek te vernietigen?
Procesgang
Uitspraak · 2016
ECLI:NL:RBZWB:2016:5474Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 5 december 2017deze uitspraak
ECLI:NL:GHSHE:2017:5363
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 15 mei 2018
ECLI:NL:GHSHE:2018:2109
Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
zaaknummer 200.205.591/01
arrest van 5 december 2017
in de zaak van
Coöperatieve Rabobank U.A.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
appellante,
advocaat: mr. E.L. de Haan te Tilburg,
tegen
1 [geïntimeerde] ,
wonende te [woonplaats] ,
2. [Holding] Holding B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
3. Drankenhuys [Drankenhuys] Holding B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
4. Drankenhuys [Drankenhuys vestigingsnaam] B.V.
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
geïntimeerden,
advocaat: mr. J.C.T. Papeveld te Waalwijk,
op het bij exploot van dagvaarding van 14 oktober 2016 ingeleide hoger beroep van het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda van 20 juni 2016, gewezen tussen appellante (destijds de Coöperatieve Rabobank De Langstraat U.A.) als eiseres in conventie, verweerster in reconventie en geïntimeerde als gedaagden in conventie, eisers in reconventie.
1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/306370 / HA ZA 15-688)
Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis alsmede naar het vonnis van 26 oktober 2016 waarin een verzoek om aanvulling is afgewezen.
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
-
de dagvaarding in hoger beroep;
-
de memorie van grieven met producties en met wijziging van eis;
-
de memorie van antwoord met producties.
Appellante heeft pleidooi gevraagd.
3 De beoordeling
Het hof zal het verzoek om een datum voor pleidooi te bepalen honoreren. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
4 De uitspraak
Het hof:
bepaalt dat partijen gelegenheid wordt geboden voor pleidooi;
bepaalt dat daartoe zitting zal worden gehouden op 16 april 2018 om 09:00 uur in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te ’s-Hertogenbosch;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. O.G.H. Milar, A.J. Henzen en E.A.M. van Oorschot en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 5 december 2017.
griffier rolraadsheer