Strafrecht overig

Mishandeling. Eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter…

Zaakgegevens

Op 20 oktober 2021 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
Maastricht
Datum uitspraak
20 oktober 2021
Datum publicatie
28 mei 2026
Zaaknummer
20-001924-19
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2021:4440
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Mishandeling.

Eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd.

Uitspraak

Inhoudsopgave

Parketnummer : 20-001924-19

Uitspraak : 20 oktober 2021

VERSTEK (dnip)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, locatie Maastricht, van 20 juni 2019 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken met parketnummers 03-079875-19 en 03-032418-19, tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1989,

wonende te [adres] .

Hoger beroep

Bij vonnis waarvan beroep heeft de politierechter het tenlastegelegde in de zaken met parketnummers 03-079875-19 en 03-032418-19 bewezenverklaard, dat gekwalificeerd als ‘mishandeling’ respectievelijk ‘eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd’, de verdachte strafbaar verklaard en hem daarvoor veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 weken, waarvan 2 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met aftrek van de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.

Namens de verdachte is tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in zijn hoger beroep omdat hij geen grieven kenbaar heeft gemaakt tegen het vonnis van de politierechter.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

Het hof is van oordeel dat het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, nu de verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend noch mondeling (of via een gemachtigd advocaat) bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven en het hof niet van oordeel is dat de strafzaak desalniettemin onderzocht dient te worden. Daarom zal het hof toepassing geven aan het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering en het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk verklaren.

BESLISSING

Het hof:

verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus gewezen door:

mr. O.M.J.J. van de Loo, voorzitter,

mr. K.J. van Dijk en mr. B.F.M. Klappe, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. J.P.T.G. van den Uithoorn, griffier,

en op 20 oktober 2021 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

mr. Klappe voornoemd is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.