Strafrecht overig
Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 9 januari 2026
ECLI:NL:GHSHE:2026:903 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 9 januari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2026-903
Zaakgegevens
Op 9 januari 2026 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 9 januari 2026
- Datum publicatie
- 2 april 2026
- Zaaknummer
- 20-002379-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2026:903
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Uitspraak
Parketnummer: 20-002379-25
Uitspraak : 9 januari 2026
VERSTEK
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zitting houdende te Middelburg, van 9 september 2025, in de strafzaak onder parketnummer 96-097038-25 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,
wonende te [adres] .
Kwalificatie
Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
gepleegd op 27 maart 2025 te Goes.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b en 14c van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 107 en 177 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Ten aanzien van het bewezenverklaarde:
Veroordeelt de verdachte tot hechtenis voor de duur van 6 (zes) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de hechtenis, groot 3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. W.F. Koolen.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 9 januari 2026.