Belastingrecht
Vervallenverklaring van het arrest ECLI:NL:HR:2022:1449 Zie verder het arrest van ECLI:NL:HR:2023:133
ECLI:NL:HR:2023:131 · Hoge Raad · 3 februari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2023-131
Zaakgegevens
Op 3 februari 2023 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 februari 2023
- Datum publicatie
- 2 februari 2023
- Zaaknummer
- 21/05021 V
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:131
Samenvatting
Vervallenverklaring van het arrest ECLI:NL:HR:2022:1449
Zie verder het arrest van ECLI:NL:HR:2023:133
Procesgang
Rechtbank Den Haag · 27 januari 2021
ECLI:NL:RBDHA:2021:728Gerechtshof Den Haag · 21 oktober 2021
ECLI:NL:GHDHA:2021:2115(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaanVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Hoge Raad · 14 oktober 2022
ECLI:NL:HR:2022:1449Hoge Raad · 3 februari 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:131
Hoge Raad · 3 februari 2023
ECLI:NL:HR:2023:133
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 21/05021
Datum 3 februari 2023
ARREST
tot het vervallen verklaren van het arrest van de Hoge Raad van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, ECLI:NL:HR:2022:1449, dat is gewezen op het door [X] te [Z] ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van Gerechtshof Den Haag van 21 oktober 2021, nr. BK-21/00114.
1 Gronden voor de vervallenverklaring
Het beroep in cassatie in deze zaak is ingesteld door belanghebbende, vertegenwoordigd door A. Laghmouchi.
Bij arrest van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie gegrond verklaard omdat door het Hof aan belanghebbende een aan de coronamaatregelen aangepaste uitnodigingsbrief voor het onderzoek ter zitting is verzonden die geen mededeling bevatte voor de gelegenheid tot uitvoering van het getuigenaanbod van belanghebbende.
Nadat het arrest van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, was uitgesproken, is gebleken dat het Hof aan belanghebbende een uitnodigingsbrief heeft verzonden die wel een zodanige mededeling bevat. Het arrest van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, moet daarom vervallen.
De behandeling van de zaak zal worden voortgezet in de stand waarin het geding zich bevond toen het arrest van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, werd gewezen.
2 Beslissing
De Hoge Raad:
- verklaart het arrest van de Hoge Raad van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, vervallen en
- bepaalt dat het geding wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond toen het arrest van 14 oktober 2022, nr. 21/05021, werd gewezen.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.T. Boerlage als voorzitter, en de raadsheren P.A.G.M. Cools en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 3 februari 2023.