Aanbestedingsrecht
Art. 81 lid 1 RO. Aanbestedingsrecht; private aanbesteding; toepassing beginselen aanbestedingsrecht; herstel…
Hoge Raad, 25 oktober 2019
ECLI:NL:HR:2019:1630 · Hoge Raad · 25 oktober 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/aanbestedingsrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-1630
Zaakgegevens
Op 25 oktober 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over aanbestedingsrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 oktober 2019
- Datum publicatie
- 24 oktober 2019
- Zaaknummer
- 18/02851
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Aanbestedingsrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. T. van Malssen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:1630
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Aanbestedingsrecht; private aanbesteding; toepassing beginselen aanbestedingsrecht; herstel van fouten. Zorgverzekering; inkoopprocedure; stelling dat bij vergissing een verkeerde, tot de groep behorende, rechtspersoon als inschrijver is vermeld; uitleg inschrijving.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 3 april 2018
ECLI:NL:GHDHA:2018:553Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 21 juni 2019
ECLI:NL:PHR:2019:667Hoge Raad · 25 oktober 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:1630
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 18/02851
Datum 25 oktober 2019
ARREST
In de zaak van
1. STICHTING HVP ZORG,
gevestigd te Den Haag,
2. H.V.P. ZORG B.V.,
gevestigd te Den Haag,
EISERESSEN tot cassatie,
hierna gezamenlijk: HVP c.s.,
advocaat: mr. T. van Malssen,
tegen
ONDERLINGE WAARBORGMAATSCHAPPIJ CENTRALE ZORGVERZEKERAARS GROEP, ZORGVERZEKERAARS U.A.,
gevestigd te Tilburg,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: CZ,
advocaten: mr. M.S. van der Keur en mr. D.M. de Knijff.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/493388/HA ZA 15-861 van de rechtbank Den Haag van 30 september 2015 en 6 juli 2016;
b. het arrest in de zaak 200.200.780/01 van het gerechtshof Den Haag van 3 april 2018.
HVP c.s. hebben tegen het arrest van het gerechtshof beroep in cassatie ingesteld. CZ heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor CZ toegelicht door haar advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van HVP c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt HVP c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de
zijde van CZ begroot op € 865,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 25 oktober 2019.