Civiel recht overig
Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad, 14 juni 2002
ECLI:NL:HR:2002:AE2122 · Hoge Raad · 14 juni 2002
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2002-ae2122
Zaakgegevens
Op 14 juni 2002 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 juni 2002
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C00/305HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.C Meijroos, mr. M. Breur
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2002:AE2122
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 14 juni 2002deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2002:AE2122
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 14 juni 2002
ECLI:NL:PHR:2002:AE2122
Uitspraak
14 juni 2002
Eerste Kamer
Nr. C00/305HR
C.P.
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser], wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. J.C. Meijroos,
t e g e n
STICHTING MITROS, gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M. Breur.
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweerster in cassatie - verder te noemen: Mitros - heeft bij exploit van 7 september 1998 eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - gedagvaard voor de Kantonrechter te Utrecht en gevorderd bij vonnis, voorzover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, de huurovereenkomst tussen Mitros en [eiser] terzake van de garage aan de Minister Talmastraat 363 te Utrecht met onmiddellijke ingang te ontbinden.
[Eiser] heeft de vordering bestreden.
De Kantonrechter heeft bij vonnis van 12 mei 1999 de huurovereenkomst met ingang van de datum van dit vonnis ontbonden.
Tegen dit vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank te Utrecht.
Bij vonnis van 12 juli 2000 heeft de Rechtbank de vordering van [eiser] afgewezen en het vonnis van de Kantonrechter van 12 mei 1999 bekrachtigd.
Het vonnis van de Rechtbank is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van de Rechtbank heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Mitros heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
Mitros heeft de zaak doen toelichten door haar advocaat en door mr. E.M. van Boven, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Mitros begroot op € 286,88 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.E.M. van der Putt-Lauwers, als voorzitter, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer O. de Savornin Lohman op 14 juni 2002.