Civiel recht overig
19 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/057HR SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Hoge Raad, 19 september 2003
ECLI:NL:HR:2003:AF8267 · Hoge Raad · 19 september 2003
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2003-af8267
Zaakgegevens
Op 19 september 2003 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 september 2003
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C02/057HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.H Barendrecht, voorheen mr. J.J Dekker
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2003:AF8267
Samenvatting
19 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/057HR SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. H.H. Barendrecht, t e g e n de openbare rechtspersoon WERKVOORZIENINGSSCHAP NIJMEGEN EN OMGEVING, gevestigd te Nijmegen, VERWEERDER in cassatie, advocaat: voorheen mr. J.J. Dekker, thans mr. J.I. van Vlijmen. 1. Het geding in feitelijke instanties
Procesgang
Hoge Raad · 19 september 2003deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2003:AF8267
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 september 2003
ECLI:NL:PHR:2003:AF8267
Uitspraak
19 september 2003
Eerste Kamer
Nr. C02/057HR
SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. H.H. Barendrecht,
t e g e n
de openbare rechtspersoon WERKVOORZIENINGSSCHAP NIJMEGEN EN OMGEVING,
gevestigd te Nijmegen,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: voorheen mr. J.J. Dekker,
thans mr. J.I. van Vlijmen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploit van 16 september 1998 verweerder in cassatie - verder te noemen: WNO - gedagvaard voor de Rechtbank te Arnhem en - na wijziging van eis bij conclusie van repliek - gevorderd bij vonnis, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
1. te verklaren voor recht dat WNO door het jarenlang onthouden van bemiddeling jegens [eiser] is tekort geschoten in de op grond van de WSW bestaande inspanningsverplichtingen dan wel jegens [eiser] onrechtmatig heeft gehandeld;
2. te verklaren voor recht dat het door WNO jegens [eiser] genomen besluit d.d. 9 augustus 1994 onrechtmatig is jegens [eiser], en
3. WNO te veroordelen tot het betalen van een schadevergoeding ter zake van het sub 1 en 2 gevorderde, nader op te maken bij staat.
WNO heeft de vorderingen gemotiveerd bestreden.
De Rechtbank heeft bij vonnis van 2 maar 2000 de vorderingen afgewezen.
Tegen dit vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Arnhem.
Bij tussenarrest van 22 mei 2001 heeft het Hof de zaak naar de rol verwezen voor het nemen van een akte door [eiser] en bij eindarrest van 23 oktober 2001 het vonnis waarvan beroep bekrachtigd.
Beide arresten van het Hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen beide arresten van het Hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
WNO heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van WNO begroot op € 301,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice- president R. Herrmann als voorzitter en de raadsheren, D.H. Beukenhorst en A.M.J. van Buchem-Spapens, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer O. de Savornin Lohman op 19 september 2003.