Civiel recht overig

Bopz; verlening van voorlopige machtiging terwijl betrokkene heeft geweigerd mee te werken aan een…

Hoge Raad, 14 september 2007

Zaakgegevens

Op 14 september 2007 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14 september 2007
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
R07/111HR
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. G.E.M. Later
ECLI
ECLI:NL:HR:2007:BA8455
E-mail

Samenvatting

Bopz; verlening van voorlopige machtiging terwijl betrokkene heeft geweigerd mee te werken aan een psychiatrisch onderzoek als bedoeld in art. 5 lid 1 Wet Bopz (81 RO).

Procesgang

  1. Hoge Raad · 14 september 2007deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2007:BA8455

  2. Conclusie A-G · 14 september 2007

    ECLI:NL:PHR:2007:BA8455

Uitspraak

14 september 2007

Eerste Kamer

Rek.nr. R07/111HR

MK/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoekster],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. G.E.M. Later,

t e g e n

DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET

ARRONDISSEMENT AMSTERDAM,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

1. Het geding in feitelijke instanties

De officier van justitie in het arrondissement Amsterdam heeft op 23 maart 2007 onder overlegging van een op 21 maart 2007 ondertekende geneeskundige verklaring een verzoek ingediend bij de rechtbank aldaar tot het verlenen van een voorlopige machtiging tot het doen opnemen en doen verblijven van verzoekster tot cassatie - verder te noemen: betrokkene - in een psychiatrisch ziekenhuis.

De rechtbank heeft ter zitting van 11 april 2007 betrokkene, bijgestaan door haar advocaat, de psychiater [betrokkene 1], de sociaal-psychiatrische verpleegkundige [betrokkene 2] en de manager van het RIBW [betrokkene 3] gehoord. De rechtbank heeft telefonisch de geneesheer-directeur van de Geestgronden [betrokkene 4] gehoord.

Bij beschikking van diezelfde datum heeft de rechtbank de voorlopige machtiging verleend voor de duur van zes maanden.

De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, P.C. Kop, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 14 september 2007.