Civiel recht overig
Oneerlijke mededinging. Onrechtmatige daad; uit winstoogmerk ondergraven van een gesloten kaartverkoop (Euro…
Hoge Raad, 19 december 2008
ECLI:NL:HR:2008:BG3592 · Hoge Raad · 19 december 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2008-bg3592
Zaakgegevens
Op 19 december 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 december 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- C07/162HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.P Heering, aanvankelijk mr. M.V Polak
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2008:BG3592
Samenvatting
Oneerlijke mededinging. Onrechtmatige daad; uit winstoogmerk ondergraven van een gesloten kaartverkoop (Euro 2000). Procesrecht; misbruik van executiebevoegdheid (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 19 december 2008deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2008:BG3592
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 december 2008
ECLI:NL:PHR:2008:BG3592
Uitspraak
19 december 2008
Eerste Kamer
Nr. C07/162HR
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiseres 1],
handelende onder de naam [A],
2. [Eiser 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering,
t e g e n
STICHTING EURO 2000,
gevestigd te Eindhoven,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. M.V. Polak,
thans mr. R.A.A. Duk.
Eisers tot cassatie zullen hierna afzonderlijk worden aangeduid als [eiseres 1] en [eiser 2] en tezamen als [A]. Verweerster zal worden aangeduid als Euro 2000.
1. Het geding in feitelijke instanties
[A] heeft bij exploot van 7 juni 2001 Euro 2000 gedagvaard voor de rechtbank te Assen en gevorderd, kort gezegd, te verklaren voor recht dat (i) [A] door te handelen in toegangskaarten voor het voetbaltoernooi Euro 2000 geen onrechtmatige daad pleegde jegens Euro 2000 en (ii) dat Euro 2000 door de tenuitvoerlegging van het kortgedingvonnis van 9 juni 2000 van de president van de rechtbank te Amsterdam, onrechtmatig heeft gehandeld en aansprakelijk is voor de deswege geleden en nog te lijden schade, op te maken bij staat.
Euro 2000 heeft de vordering bestreden.
De rechtbank te Assen heeft zich, bij vonnis in het incident van 9 oktober 2001, onbevoegd verklaard kennis te nemen van de vordering en de zaak verwezen naar de rechtbank te 's-Hertogenbosch.
De rechtbank te 's-Hertogenbosch heeft na een tussenvonnis van 18 februari 2004 bij eindvonnis van 8 juni 2005 [eiser 2] niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering en de vordering van [eiseres 1] afgewezen.
Tegen beide vonnissen heeft [A] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Bij arrest van 30 januari 2007 heeft het hof de vonnissen waarvan beroep vernietigd voor zover [eiser 2] niet-ontvankelijk is verklaard. In zoverre opnieuw rechtdoende heeft het hof de vorderingen van [eiser 2] afgewezen en de vonnissen voor het overige bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [A] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Euro 2000 heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [A] mede door mr. S.M. Bartman en mr. J. Brandt, advocaten bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiseres 2] heeft bij brief van 13 november 2008 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [A] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Euro 2000 begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 19 december 2008.