Civiel recht overig
Procesrecht. Voldoende betwisten van stelling(en)? discretonaire bevoegdheid feitenrechter om…
Hoge Raad, 22 oktober 2010
ECLI:NL:HR:2010:BN6121 · Hoge Raad · 22 oktober 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2010-bn6121
Zaakgegevens
Op 22 oktober 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 22 oktober 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/01570
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. R.T.R.F. Carli
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2010:BN6121
Samenvatting
Procesrecht. Voldoende betwisten van stelling(en)? discretonaire bevoegdheid feitenrechter om deskundigenbericht te gelasten. (81 RO)
Procesgang
Hoge Raad · 22 oktober 2010deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2010:BN6121
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 22 oktober 2010
ECLI:NL:PHR:2010:BN6121
Uitspraak
22 oktober 2010
Eerste Kamer
09/01570
DV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. R.T.R.F. Carli,
t e g e n
SCHOMO B.V.,
gevestigd te Geulle, gemeente Meersen,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en Schomo.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 5135/94 van de rechtbank Maastricht van 21 augustus 1997;
b. de tussenarresten in de zaak met het rolnummer C9701111/MA van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 20 januari 1999, 5 april 2000, 23 augustus 2001, 10 juni 2003, 30 september 2003, 1 februari 2005, 12 april 2005, 29 november 2005, 5 september 2006 en 27 maart 2007;
c. het eindarrest in de zaak 103.000.009 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 25 november 2008.
Het eindarrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Schomo is verstek verleend.
De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Schomo begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 22 oktober 2010.