Civiel recht overig

Art. 81 RO. Koop sportcentrum. Beroep op non-conformiteit. Binnen bekwame tijd geklaagd? Art. 7:17, 23 BW.

Zaakgegevens

Op 21 oktober 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
21 oktober 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/01003
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. J.I. van Vlijmen
ECLI
ECLI:NL:HR:2011:BS8794
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Art. 81 RO. Koop sportcentrum. Beroep op non-conformiteit. Binnen bekwame tijd geklaagd? Art. 7:17, 23 BW.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 26 mei 2009

    ECLI:NL:GHSHE:2009:BQ4232
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 24 november 2009

    ECLI:NL:GHSHE:2009:BQ4235
  3. Hoge Raad · 21 oktober 2011deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2011:BS8794

    Bekrachtiging/bevestiging

  4. Conclusie A-G · 21 oktober 2011

    ECLI:NL:PHR:2011:BS8794

Uitspraak

21 oktober 2011

Eerste Kamer

10/01003

EV/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

advocaat: mr. J.I. van Vlijmen,

t e g e n

1. [Verweerder 1],

2. [Verweerster 2],

beiden wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie, eisers in het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep,

advocaten: mr. L. Kelkensberg en mr. I.E. Reimert.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder] c.s.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 116040/HA ZA 06-1227 van de rechtbank Maastricht van 14 november 2007;

b. de arresten in de zaak HD 103.006.102 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 26 mei 2009 en 24 november 2009.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. [Verweerder] c.s. hebben voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.

Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het principale beroep en tot het buiten behandeling laten van het incidentele beroep.

3. Beoordeling van het middel in het principale beroep

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het principale beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 494,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, F.B. Bakels, W.D.H. Asser, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 21 oktober 2011.