Civiel recht overig

Art. 81 RO. Verzet tegen dwangbevel. Executiegeschil. Ontvankelijkheid hoger beroep; art. 339 Rv.

Hoge Raad, 24 februari 2012

Zaakgegevens

Op 24 februari 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 februari 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/02398
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. L.C. Blok
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BU7357
E-mail

Samenvatting

Art. 81 RO. Verzet tegen dwangbevel. Executiegeschil. Ontvankelijkheid hoger beroep; art. 339 Rv.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 24 februari 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BU7357

  2. Conclusie A-G · 24 februari 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BU7357

Uitspraak

24 februari 2012

Eerste Kamer

10/02398

EV/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Eiser 1],

wonende te [woonplaats],

2. [Eiseres 2],

wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. L.C. Blok,

t e g e n

De ambtenaar van HET HOOGHEEMRAADSCHAP HOLLANDS NOORDERKWARTIER belast met de invordering,

gevestigd te Heerhugowaard,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en het Hoogheemraadschap.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 103313/HA ZA 08-524 van de rechtbank Alkmaar van 25 februari 2009;

b. het arrest in de zaak 200.038.673/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 23 februari 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen het Hoogheemraadschap is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van het Hoogheemraadschap begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 24 februari 2012.