Civiel recht overig
Art. 81 RO. FPU-reglement; Wet kaderregeling vut overheidspersoneel. FPU-uitkering; gewijzigde regelgeving…
Hoge Raad, 22 juni 2012
ECLI:NL:HR:2012:BW4997 · Hoge Raad · 22 juni 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2012-bw4997
Zaakgegevens
Op 22 juni 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 22 juni 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/02186
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.C.J Smallenbroek, aanvankelijk mr. P Garretsen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2012:BW4997
Samenvatting
Art. 81 RO. FPU-reglement; Wet kaderregeling vut overheidspersoneel. FPU-uitkering; gewijzigde regelgeving, opgewekt vertrouwen.
Procesgang
Rechtbank Maastricht · 15 april 2009
ECLI:NL:RBMAA:2009:BI1160Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 11 januari 2011
ECLI:NL:GHSHE:2011:BP2348Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Hoge Raad · 22 juni 2012deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2012:BW4997
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 22 juni 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BW4997Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BX4233
Uitspraak
22 juni 2012
Eerste Kamer
11/02186
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J.C.J. Smallenbroek,
t e g e n
1. STICHTING VUT-FONDS OVERHEIDSPERSONEEL,
gevestigd te Heerlen,
2. STICHTING PENSIOENFONDS ABP,
gevestigd te Heerlen,
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. P.S. Kamminga.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres], het Vut-fonds en het ABP.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 314548 CV EXPL 08-10166 van de kantonrechter te Heerlen van 15 april 2009;
b. het arrest in de zaak HD 200.037.669 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 11 januari 2011.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Het Vut-fonds en het ABP hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor het Vut-fonds en het ABP toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van het Vut-Fonds en het ABP begroot op € 781,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 22 juni 2012.