Civiel recht overig
Cassatie. Niet-ontvankelijkheid. Ontbreken klachten tegen bestreden beschikking; art. 426a lid 2 Rv.
ECLI:NL:HR:2013:855 · Hoge Raad · 4 oktober 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2013-855
Zaakgegevens
Op 4 oktober 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 oktober 2013
- Datum publicatie
- 4 oktober 2013
- Zaaknummer
- 12/04497
- Rechtsgebied
- Civiel recht Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. C.S.G. Janssens
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:855
Samenvatting
Cassatie. Niet-ontvankelijkheid. Ontbreken klachten tegen bestreden beschikking; art. 426a lid 2 Rv.
Procesgang
Uitspraak · 2012
ECLI:NL:GHSGR:2012:2901Hoge Raad · 4 oktober 2013deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2013:855
Niet ontvankelijkNiet-ontvankelijkDe rechter behandelt de zaak niet inhoudelijk, omdat niet aan een formele eis is voldaan, bijvoorbeeld omdat iemand te laat is.Meer uitleg
Uitspraak
Inhoudsopgave
4 oktober 2013
Eerste Kamer
nr. 12/04497
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. C.S.G. Janssens,
t e g e n
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak FA RK 11-2503 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 11 oktober 2011;
b. de beschikking in de zaak 200.100.180/01 van het gerechtshof te ’s-Gravenhage van 20 juni 2012.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de vrouw in het door haar ingestelde beroep in cassatie, zonder enige veroordeling in de proceskosten.
3 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het verzoekschrift bevat geen klachten tegen de bestreden beschikking als vereist door art. 426a lid 2 Rv. De vrouw zal derhalve in haar cassatieberoep niet-ontvankelijk worden verklaard.
Voor een proceskostenveroordeling ten laste van de man als door de vrouw verzocht bestaat geen grond.
4 Beslissing
De Hoge Raad verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in haar beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 4 oktober 2013.