Civiel recht overig
Onteigening. Vaststelling schadeloosstelling; wettelijke rente. Klachten deels verworpen met toepassing van…
Hoge Raad, 11 januari 2013
ECLI:NL:HR:2013:BY2240 · Hoge Raad · 11 januari 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2013-by2240
Zaakgegevens
Op 11 januari 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 11 januari 2013
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/04285
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. W.P Keulers, mr. M.W. Scheltema
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:BY2240
Samenvatting
Onteigening. Vaststelling schadeloosstelling; wettelijke rente. Klachten deels verworpen met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
Procesgang
Hoge Raad · 11 januari 2013deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2013:BY2240
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 11 januari 2013
ECLI:NL:PHR:2013:BY2240
Uitspraak
11 januari 2013
Eerste Kamer
11/04285
EE/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. W.P. Keulers,
t e g e n
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
(Ministerie van Infrastructuur en Milieu, voorheen Ministerie van Verkeer en Waterstaat)
zetelende te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. M.W. Scheltema.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de Staat.
1. Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de vonnissen in de zaak 66469/HA ZA 05-224 van de rechtbank Roermond van 1 juni 2005, 5 oktober 2005 en 20 juli 2011.
Het vonnis van 20 juli 2011 van de rechtbank is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van 20 juli 2011 van de rechtbank heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de Staat mede door mr. R.T. Wiegerink, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 27 november 2012 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
3.1 De in de middelen 1-4 aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3.2 Onderdeel 5 strekt ten betoge dat waar in het dictum van het bestreden vonnis onder 4.2 en 4.3 wordt gesproken van wettelijke rente, niet duidelijk is of de wettelijke rente samengesteld of enkelvoudig in aanmerking moet worden genomen.
Op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.18-2.20 moet het dictum aldus worden verstaan dat met de aldaar onder 4.2 en 4.3 genoemde wettelijke rente is bedoeld de samengesteld te berekenen wettelijke rente (vgl. HR 21 november 2008, LJN BF0415, NJ 2009/303 en HR 15 april 2011, LJN BP 2316, NJ 2011/536). Het middel kan bij gebrek aan belang niet tot cassatie leiden.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 781,34 aan verschotten en € 2.200,--voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.A. Loth, en in
het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 11 januari 2013.