Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Schadevordering jegens rechtsbijstandverlener ter zake van conflict met voormalig werkgever.
ECLI:NL:HR:2013:CA0362 · Hoge Raad · 17 mei 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2013-ca0362
Zaakgegevens
Op 17 mei 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 17 mei 2013
- Datum publicatie
- 22 juni 2013
- Zaaknummer
- 12/04641
- Rechtsgebied
- Civiel recht Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.W de Water, mr. M.E.M.G. Peletier
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:CA0362
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Schadevordering jegens rechtsbijstandverlener ter zake van conflict met voormalig werkgever.
Procesgang
Rechtbank Amsterdam · 2 maart 2011
ECLI:NL:RBAMS:2011:BP7522Gerechtshof Amsterdam · 12 juni 2012
ECLI:NL:GHAMS:2012:BY4821(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaanVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Hoge Raad · 17 mei 2013deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2013:CA0362
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 17 mei 2013
ECLI:NL:PHR:2013:CA0362
Uitspraak
17 mei 2013
Eerste Kamer
12/04641
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.W. de Water,
t e g e n
D.A.S NEDERLANDSE RECHTSBIJSTAND VERZEKERINGSMAATSCHAPPIJ N.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.E.M.G. Peletier.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en DAS.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 462414/HA ZA 10-1988 van de rechtbank Amsterdam van 29 september 2010 en 2 maart 2011;
b. de arresten in de zaak 200.089.585/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 12 juli 2011 en 12 juni 2012.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 12 juni 2012 heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
DAS heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiseres], dan wel - als zij in haar cassatieberoep kan worden ontvangen - tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 6 maart 2013 op die conclusie gereageerd; de advocaat van DAS heeft dat gedaan bij brief van 7 maart 2013.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van DAS begroot op € 2.489,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 17 mei 2013.