Civiel recht overig
Art. 80a lid 1 RO. Contractenrecht, financieel recht. Effectenlease, HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2822…
Hoge Raad, 29 januari 2016
ECLI:NL:HR:2016:157 · Hoge Raad · 29 januari 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2016-157
Zaakgegevens
Op 29 januari 2016 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 29 januari 2016
- Datum publicatie
- 29 januari 2016
- Zaaknummer
- 15/04254
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.L. van Lookeren Campagne
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2016:157
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 80a lid 1 RO. Contractenrecht, financieel recht. Effectenlease, HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2822, NJ 2012/184.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 7 april 2015
ECLI:NL:GHAMS:2015:1229Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 11 december 2015
ECLI:NL:PHR:2015:2415Hoge Raad · 29 januari 2016deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2016:157
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Niet ontvankelijkNiet-ontvankelijkDe rechter behandelt de zaak niet inhoudelijk, omdat niet aan een formele eis is voldaan, bijvoorbeeld omdat iemand te laat is.Meer uitleg
Uitspraak
29 januari 2016
Eerste Kamer
15/04254
LZ/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
De vereniging met volledige rechtsbevoegdheid VERENIGING CONSUMENT & GELDZAKEN,
gevestigd te Amsterdam,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. H.L. van Lookeren Campagne,
t e g e n
AEGON BANK N.V., mede handelend onder de naam Spaarbeleg,
gevestigd te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
Niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de Vereniging en Aegon.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 171572/HA ZA 04-45 van de rechtbank Utrecht van 4 januari 2006;
b. de arresten in de zaak 106.005.089/02 van het gerechtshof Amsterdam van 1 maart 2007, 30 oktober 2012, 7 mei 2013, 4 maart 2014 en 7 april 2015.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de rolbeslissing van 10 april 2012 en de arresten van het hof van 30 oktober 2012, 7 mei 2013, 4 maart 2014 en 7 april 2015 heeft de Vereniging beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Aegon is verstek verleend.
Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO.
De advocaat van de Vereniging heeft bij brief van 25 december 2015 op dit standpunt gereageerd.
3 Beoordeling van de ontvankelijkheid
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 3-11).
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk;
veroordeelt de Vereniging in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Aegon begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en A.H.T. Heisterkamp, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 29 januari 2016.