Strafrecht overig

HR: art. 81.1 RO. Conclusie AG over art. 18 (authentieke en/of door een beëdigd tolk vertaalde stukken) en…

Hoge Raad, 26 april 2016

Zaakgegevens

Op 26 april 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26 april 2016
Datum publicatie
25 april 2016
Zaaknummer
15/05746
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:734
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

HR: art. 81.1 RO. Conclusie AG over art. 18 (authentieke en/of door een beëdigd tolk vertaalde stukken) en art. 26.3 Uitleveringswet.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 29 maart 2016

    ECLI:NL:PHR:2016:298
  2. Hoge Raad · 26 april 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:734

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

26 april 2016

Strafkamer

nr. S 15/05746 U

AJ/CeH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 19 oktober 2015, nummer RK 15/1066, op een verzoek van het Koninkrijk Noorwegen tot uitlevering van:

[de opgeëiste persoon] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1969.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft A.H.J.G. van Voorthuizen, advocaat te Ede, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 april 2016.