Strafrecht overig
Voorbereidingshandelingen voor gewapende overval op onbekend gebleven persoon in Rotterdam. 1. Onrechtmatige…
Hoge Raad, 7 maart 2017
ECLI:NL:HR:2017:369 · Hoge Raad · 7 maart 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2017-369
Zaakgegevens
Op 7 maart 2017 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 7 maart 2017
- Datum publicatie
- 7 maart 2017
- Zaaknummer
- 15/04704
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2017:369
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Voorbereidingshandelingen voor gewapende overval op onbekend gebleven persoon in Rotterdam. 1. Onrechtmatige doorzoeking van auto leidt niet tot bewijsuitsluiting of strafvermindering. 2. Uos t.a.v. betrouwbaarheid van bij de politie afgelegde verklaringen van medeverdachten. 3. Ondervragingsrecht t.a.v. getuigen (medeverdachten) die zowel in e.a. als in h.b. een beroep hebben gedaan op hun verschoningsrecht. Verklaringen vinden in voldoende mate steun in andere b.m. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met nr. 15/04668 en 16/00456.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 10 januari 2017
ECLI:NL:PHR:2017:116Hoge Raad · 7 maart 2017deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2017:369
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
7 maart 2017
Strafkamer
nr. S 15/04704
CeH
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 18 september 2015, nummer 22/000951-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1955.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.G. Vos, advocaat te Utrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.F. Faase en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 maart 2017.