Strafrecht overig

Medeplegen van witwassen door uit (eigen) misdrijf afkomstig, op bankrekening ontvangen kinderopvangtoeslag…

Zaakgegevens

Op 16 mei 2017 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16 mei 2017
Datum publicatie
16 mei 2017
Zaaknummer
15/04453
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2017:892
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Medeplegen van witwassen door uit (eigen) misdrijf afkomstig, op bankrekening ontvangen kinderopvangtoeslag aan vraagouders en gastouders over te maken, art. 420bis.1.b Sr. Middel over kwalificatie als witwassen. Bijzonder geval waarin “overdragen” gelijk gesteld moet worden met “verwerven” of “voorhanden hebben”? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 15/04449 P, 15/04654 P en 15/04655.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 21 maart 2017

    ECLI:NL:PHR:2017:344
  2. Hoge Raad · 16 mei 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2017:892

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

Inhoudsopgave

16 mei 2017

Strafkamer

nr. S 15/04453

DFL/SSA

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 17 september 2015, nummer 22/004174-14, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 mei 2017.