Strafrecht overig
Art. 53 Sv (oud). Burgerarrest. Grenzen van proportionaliteit en subsidiariteit. 1. Het Hof heeft de…
Hoge Raad, 9 oktober 2018
ECLI:NL:HR:2018:1832 · Hoge Raad · 9 oktober 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-1832
Zaakgegevens
Op 9 oktober 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 oktober 2018
- Datum publicatie
- 3 oktober 2018
- Zaaknummer
- 17/04014
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:1832
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 53 Sv (oud). Burgerarrest. Grenzen van proportionaliteit en subsidiariteit. 1. Het Hof heeft de handelingen van verdachte aangemerkt als begaan ter effectuering van een burgerarrest, zij het dat de daarbij in achtte nemen grenzen van proportionaliteit zijn overschreden. De verhouding tussen de aanleiding voor de aanhouding en de handelingen van verdachte ter uitvoering daarvan heeft het Hof onevenredig bevonden. 2. Verwerping beroep op (putatief) noodweer(exces). HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 28 augustus 2018
ECLI:NL:PHR:2018:1135Hoge Raad · 9 oktober 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:1832
Uitspraak
9 oktober 2018
Strafkamer
nr. S 17/04014
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 13 oktober 2016, nummer 22/004193-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.G. Eckhardt, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en M.J. Borgers, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 oktober 2018.