Strafrecht overig
Moord (art. 289 Sr) en brandstichting (art. 157 Sr) door op camping chalet waarin jonge vrouw zich bevond in…
Hoge Raad, 26 juni 2018
ECLI:NL:HR:2018:989 · Hoge Raad · 26 juni 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-989
Zaakgegevens
Op 26 juni 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 juni 2018
- Datum publicatie
- 25 juni 2018
- Zaaknummer
- 17/03106
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:989
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Moord (art. 289 Sr) en brandstichting (art. 157 Sr) door op camping chalet waarin jonge vrouw zich bevond in brand te steken. 1. Daderschap van verdachte bij feitelijk stichten van brand. 2. Klacht dat de bewijsvoering van het Hof innerlijk tegenstrijdig en in strijd met de onschuldpresumptie is. 3. Bewijsklacht opzet op het door brandstichting van het leven beroven van slachtoffer. 4. Bewijsklacht voorbedachte raad. 5. Afwijzing voorwaardelijk verzoek verrichten nader sporenonderzoek. HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Rechtbank Midden-Nederland · 2 december 2015
ECLI:NL:RBMNE:2015:8608Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 12 april 2017
ECLI:NL:GHARL:2017:3129Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 15 mei 2018
ECLI:NL:PHR:2018:677Hoge Raad · 26 juni 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:989
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
26 juni 2018
Strafkamer
nr. S 17/03106
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 12 april 2017, nummer 21/007206-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1979.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G.W.L.A.M. Koppen, advocaat te Eindhoven, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 juni 2018.