Strafrecht overig
Antilliaanse zaak. Gewoontewitwassen. Art. 2:405 Sr Aruba. Middelen m.b.t. voorbijgaan Hof aan…
Hoge Raad, 8 januari 2019
ECLI:NL:HR:2019:18 · Hoge Raad · 8 januari 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-18
Zaakgegevens
Op 8 januari 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 8 januari 2019
- Datum publicatie
- 8 januari 2019
- Zaaknummer
- 17/01588
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:18
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Antilliaanse zaak. Gewoontewitwassen. Art. 2:405 Sr Aruba. Middelen m.b.t. voorbijgaan Hof aan niet-ontvankelijkheidsverweer, toepassing art. 1.2 en 3.2 Landsverordening strafbaarstelling witwassen (AB 1993, 70) en over de v.v. van woningen. HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 november 2018
ECLI:NL:PHR:2018:1272Hoge Raad · 8 januari 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:18
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
8 januari 2019
Strafkamer
nr. S 17/01588 A
KD/CeH
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, van
6 februari 2017, nummer H 18/2016, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. de Hoogd, advocaat te Aruba, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 8 januari 2019.