Strafrecht overig
Poging tot doodslag door ander met stanleymes in hals, borst en arm te snijden, nadat die ander tegen…
Hoge Raad, 26 maart 2019
ECLI:NL:HR:2019:429 · Hoge Raad · 26 maart 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-429
Zaakgegevens
Op 26 maart 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 maart 2019
- Datum publicatie
- 25 maart 2019
- Zaaknummer
- 17/03248
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:429
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Poging tot doodslag door ander met stanleymes in hals, borst en arm te snijden, nadat die ander tegen voordeur van woning van verdachte heeft geschopt en geslagen en verdachte, die in deuropening van zijn woning stond, heeft geslagen, art. 287 Sr. Noodweer, proportionaliteitseis. Hof heeft beroep op noodweer verworpen op de grond dat meermalen maken van slaande beweging met stanleymes in richting van (ontbloot) bovenlijf van ander buitenproportionele reactie is die niet in redelijke verhouding staat tot ernst van wederrechtelijke aanranding die bestaat uit slaan met blote handen. HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 februari 2019
ECLI:NL:PHR:2019:141Hoge Raad · 26 maart 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:429
Uitspraak
26 maart 2019
Strafkamer
nr. S 17/03248
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 22 juni 2017, nummer 20/000362-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt en P. van Dongen, beiden advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 maart 2019.