Strafrecht overig
Beklag, beslag ex art. 94(a) Sv op bitcoins en andere cryptocurrency. Art. 552a Sv. Geeft oordeel Rb. dat…
ECLI:NL:HR:2020:372 · Hoge Raad · 10 maart 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2020-372
Zaakgegevens
Op 10 maart 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 maart 2020
- Datum publicatie
- 29 februari 2020
- Zaaknummer
- 19/01432
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2020:372
Samenvatting
Beklag, beslag ex art. 94(a) Sv op bitcoins en andere cryptocurrency. Art. 552a Sv. Geeft oordeel Rb. dat niet-beslagen slachtoffers van een beleggingscarrousel geen belanghebbenden a.b.i. art. 552a Sv zijn, blijk van een onjuiste uitleg van het begrip ‘belanghebbende’ ex art. 552a Sv? HR: art. 81.1 RO. Samenhang tussen 19/01426, 19/01431, 19/01432 en 19/01435.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 17 december 2019
ECLI:NL:PHR:2019:1459Hoge Raad · 10 maart 2020deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2020:372
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 19/01432 B
Datum 10 maart 2020
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam van 15 januari 2019, nummer RK 18/6552, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend
door
[klager],
geboren op [geboortedatum] 1983,
hierna: de klager.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft M.A.C. de Bruijn, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 maart 2020.