Strafrecht overig
Profijtontneming, w.v.v. uit verduistering, meermalen gepleegd. Klacht dat hof bij schatting w.v.v. is…
Hoge Raad, 21 september 2021
ECLI:NL:HR:2021:1263 · Hoge Raad · 21 september 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2021-1263
Zaakgegevens
Op 21 september 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 september 2021
- Datum publicatie
- 15 september 2021
- Zaaknummer
- 20/00256
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2021:1263
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Profijtontneming, w.v.v. uit verduistering, meermalen gepleegd. Klacht dat hof bij schatting w.v.v. is uitgegaan van de (als b.m. gebruikte) uitspraak in de strafzaak, terwijl die uitspraak is gewezen na sluiting o.ttz. in ontnemingszaak. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 20/00253 en 20/00254.
Procesgang
Uitspraak · 2020
ECLI:NL:GHDHA:2020:61Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 juni 2021
ECLI:NL:PHR:2021:829Hoge Raad · 21 september 2021deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2021:1263
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 20/00256 P
Datum 21 september 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Den Haag van 22 januari 2020, nummer 22-004335-19, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene ] ,
geboren te 's- [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
hierna: de betrokkene.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze hebben R.J. Baumgardt, P. van Dongen en S. van den Akker, allen advocaat te Rotterdam, bij schriftuur twee cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Het tweede cassatiemiddel is later ingetrokken.
De procureur-generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 september 2021.