Strafrecht overig

Medeplegen witwassen van geldbedragen en boot (art. 420bis.1.a en 420bis.1.b Sr) en medeplegen valsheid in…

Hoge Raad, 28 september 2021

Zaakgegevens

Op 28 september 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28 september 2021
Datum publicatie
27 september 2021
Zaaknummer
19/05652
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1392
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Medeplegen witwassen van geldbedragen en boot (art. 420bis.1.a en 420bis.1.b Sr) en medeplegen valsheid in geschrift door gebruik te maken van valse facturen (art. 225.2 Sr). 1. Bewijsklacht witwassen. Is boot afkomstig uit enig misdrijf? 2. Bewijsklachten witwassen en valsheid in geschrift. Bewijsverweren toereikend gemotiveerd verworpen? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 19/05436, 19/05515, 19/05701 P en 19/05868 P.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 29 juni 2021

    ECLI:NL:PHR:2021:890
  2. Hoge Raad · 28 september 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2021:1392

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 19/05652

Datum 28 september 2021

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 november 2019, nummer 21-006886-16, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.L.A.M. Pluijmakers, advocaat te Apeldoorn, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 september 2021.