Strafrecht overig
Gewapende woningoverval in 2018 in Sint Oedenrode waarbij o.a. twee bitcoinminers zijn weggenomen. Medeplegen…
Hoge Raad, 12 juli 2022
ECLI:NL:HR:2022:1020 · Hoge Raad · 12 juli 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2022-1020
Zaakgegevens
Op 12 juli 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 12 juli 2022
- Datum publicatie
- 5 juli 2022
- Zaaknummer
- 21/03678
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2022:1020
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Gewapende woningoverval in 2018 in Sint Oedenrode waarbij o.a. twee bitcoinminers zijn weggenomen. Medeplegen diefstal met bedreiging met geweld (art. 312.2.2 Sr) en medeplegen voorhanden hebben vuurwapen cat. III (art. 26.1 WWM). TBS met dwangverpleging opgelegd. 1. Motiveringsklachten m.b.t. de TBS-oplegging, subsidiariteitsvereiste en geweldsmisdrijf. Kon hof oordelen dat TBS met dwangverpleging noodzakelijk is? Is TBS opgelegd t.z.v. misdrijf dat gericht is tegen en gevaar veroorzaakt voor onaantastbaarheid van lichaam van één of meer personen a.b.i. art. 38e.1 Sr en art. 359.7 Sv (geweldsmisdrijf)?2. Afwijzing voorwaardelijk verzoek om twee gedragsdeskundigen te horen o.g.v. noodzakelijkheidscriterium. HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 30 augustus 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:2633Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 31 mei 2022
ECLI:NL:PHR:2022:492Hoge Raad · 12 juli 2022deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2022:1020
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 21/03678
Datum 12 juli 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 30 augustus 2021, nummer 23-003997-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1997,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft N. van Schaik, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 juli 2022.