Strafrecht overig

Profijtontneming, w.v.v. uit witwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling. 1. Heeft hof schatting w.v.v…

Hoge Raad, 15 november 2022

Zaakgegevens

Op 15 november 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15 november 2022
Datum publicatie
15 november 2022
Zaaknummer
20/04326
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:1656
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Profijtontneming, w.v.v. uit witwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling. 1. Heeft hof schatting w.v.v. gebaseerd op rapport w.v.v. dat mede is gebaseerd op verdenking t.z.v. handel in vuurwapens, terwijl hof verdachte in strafzaak uiteindelijk heeft vrijgesproken van handel in vuurwapens? 2. Verweer dat vanwege verkoop van auto bedrag van € 14.000 in mindering moet worden gebracht op schatting w.v.v.

HR: art. 81.1 RO. Vervolg op HR:2020:1693 (strafzaak).

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 9 december 2020

    ECLI:NL:GHAMS:2020:4022
  2. Conclusie A-G · 27 september 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:856
  3. Hoge Raad · 15 november 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:1656

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 20/04326 P

Datum 15 november 2022

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 9 december 2020, nummer 23-004501-19, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste

van

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,

hierna: de betrokkene.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft S.J. van der Woude, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 november 2022.