Strafrecht overig

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op omgekatte personenauto met Belgisch kenteken onder belanghebbende t.z.v…

Hoge Raad, 20 december 2022

Zaakgegevens

Op 20 december 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20 december 2022
Datum publicatie
8 december 2022
Zaaknummer
21/00054
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:1838
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op omgekatte personenauto met Belgisch kenteken onder belanghebbende t.z.v. verdenking van valsheid in zegels en merken en autodiefstal, waarna zaak is geseponeerd. Afzonderlijke rechterlijke beschikking tot onttrekking aan verkeer van auto, art. 36b.1.4 Sr jo. art. 552f Sv. 1. Aanvullend p-v raadkamerzitting is in strijd met art. 25.3 Sv niet ondertekend door voorzitter enkelvoudige raadkamer Rb. Mist aanvullend p-v formele rechtskracht? 2. Heeft Rb in haar beschikking ten onrechte niet vermeld wat grondslag is voor onttrekking aan verkeer? 3. Afwijzing van verzoek om geldelijke tegemoetkoming, art. 33c.2 Sr jo. art. 36b.2 Sr.

HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 22 november 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:1091
  2. Hoge Raad · 20 december 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:1838

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/00054 B

Datum 20 december 2022

BESCHIKKING

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 30 december 2020, nummer RK 20/1957, op een vordering als bedoeld in artikel 552f lid 2 van het Wetboek van Strafvordering, in de zaak

van

[belanghebbende],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964,

hierna: de belanghebbende.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de belanghebbende. Namens deze heeft F. Visser, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman van de belanghebbende heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 december 2022.