Strafrecht overig
Profijtontneming, w.v.v. uit mensenhandel. 1. Betekening oproeping tz. in hoger beroep, art. 36e.3 Sv. Is…
Hoge Raad, 21 februari 2023
ECLI:NL:HR:2023:259 · Hoge Raad · 21 februari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-259
Zaakgegevens
Op 21 februari 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 februari 2023
- Datum publicatie
- 20 februari 2023
- Zaaknummer
- 21/01677
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:259
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Profijtontneming, w.v.v. uit mensenhandel. 1. Betekening oproeping tz. in hoger beroep, art. 36e.3 Sv. Is oproeping tz. in h.b. rechtsgeldig betekend, nu deze is verzonden aan incompleet adres van betrokkene in Roemenië, waarin huisnummer ontbreekt? 2. Aanhoudingsverzoek van niet gemachtigde raadsman ttz. in h.b. op de grond dat betrokkene enkele dagen voor zitting op de hoogte is geraakt van zitting en hij door coronapandemie en gebrek aan financiële middelen niet bij zitting aanwezig kan zijn, door hof afgewezen o.g.v. overweging dat aangevoerde omstandigheid onvoldoende aannemelijk is en (ten overvloede) belangenafweging.
HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/01678.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 14 april 2021
ECLI:NL:GHARL:2021:3632Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 10 januari 2023
ECLI:NL:PHR:2023:11Hoge Raad · 21 februari 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:259
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 21/01677 P
Datum 21 februari 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 april 2021, nummer 21-000056-19, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
hierna: de betrokkene.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft Y. Moszkowicz, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de betrokkene heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 februari 2023.