Strafrecht overig
Medeplegen voorbereidingshandelingen Opiumwet door PMK in te voeren (art. 10a Opiumwet) en medeplegen…
Hoge Raad, 28 maart 2023
ECLI:NL:HR:2023:478 · Hoge Raad · 28 maart 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-478
Zaakgegevens
Op 28 maart 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 28 maart 2023
- Datum publicatie
- 24 maart 2023
- Zaaknummer
- 21/01874
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:478
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Medeplegen voorbereidingshandelingen Opiumwet door PMK in te voeren (art. 10a Opiumwet) en medeplegen overtreding art. 2 Wet voorkoming misbruik chemicaliën. 1. Bewijsklacht. 2. Verwerping verweer dat t.a.v. voorbereidingshandelingen tll. partieel nietig moet worden verklaard dan wel dat ontslag van alle rechtsvervolging moet volgen.
HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/01721, 21/01747, 21/01795, 21/01722, 21/01878 en 21/01895.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 16 april 2021
ECLI:NL:GHSHE:2021:3178Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 februari 2023
ECLI:NL:PHR:2023:165Hoge Raad · 28 maart 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:478
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 21/01874
Datum 28 maart 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 16 april 2021, nummer 20-001224-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft E.E.W.J. Maessen, advocaat te Maastricht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 maart 2023.