Strafrecht overig

Medeplegen moord op advocaat in 2019, art. 289 Sr. 1. Verzoek tot verwijzing van behandeling van zaak naar…

Hoge Raad, 16 april 2024

Zaakgegevens

Op 16 april 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16 april 2024
Datum publicatie
15 maart 2024
Zaaknummer
23/00732
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:447
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Medeplegen moord op advocaat in 2019, art. 289 Sr. 1. Verzoek tot verwijzing van behandeling van zaak naar ander hof. 2. Bewijsklacht koppeling van verdachte aan plaats delict m.b.t. telefoon en DNA-sporen. 3. Alibi van verdachte. Kon hof verklaringen van moeder van verdachte als onbetrouwbaar bestempelen? 4. Verweer dat verdachte “niet overeenkomt” met postuur en wijze van lopen volgens signalement van schutter. 5. Verweer dat sprake is van alternatief scenario en beroep op vrijwillige terugtred. 6.Strafmotivering (gevangenisstraf van 30 jaren). Kon hof in strafmaat meewegen dat slachtoffer een advocaat van beroep was?

HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 23/00731.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 23 februari 2023

    ECLI:NL:GHAMS:2023:456
  2. Conclusie A-G · 27 februari 2024

    ECLI:NL:PHR:2024:227
  3. Hoge Raad · 16 april 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:447

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/00732

Datum 16 april 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 23 februari 2023, nummer 23-002785-21, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft Y. Moszkowicz, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De procureur-generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.

De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 april 2024.