Strafrecht overig

Profijtontneming, w.v.v. uit invoer van MDMA, cocaïne, henneptoppen en hasj. Methode van eenvoudige…

Hoge Raad, 1 juli 2025

Zaakgegevens

Op 1 juli 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
1 juli 2025
Datum publicatie
26 juni 2025
Zaaknummer
23/02582
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2025:1002
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Profijtontneming, w.v.v. uit invoer van MDMA, cocaïne, henneptoppen en hasj. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.2 en 36e.3 Sr. Motivering schatting w.v.v., grondslag ontneming. Berust ’s hofs beslissing tot ontneming op art. 36e.2 Sr of op art. 36e.3 Sr?

HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 23/02581 (niet gepubliceerd; strafzaak; geen schriftuur ingediend, verdachte n-o).

Procesgang

  1. Gerechtshof Den Haag · 27 juni 2023

    ECLI:NL:GHDHA:2023:1346
  2. Conclusie A-G · 27 mei 2025

    ECLI:NL:PHR:2025:612
  3. Hoge Raad · 1 juli 2025deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2025:1002

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/02582 P

Datum 1 juli 2025

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Den Haag van 27 juni 2023, nummer 22-004549-19, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste

van

[betrokkene],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974,

hierna: de betrokkene.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze hebben de advocaten J. Kuijper en D.W.E. Sternfeld bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 juli 2025.