Strafrecht overig
Openlijke geweldpleging met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg na woordenwisseling in recreatiegebied, art…
Hoge Raad, 9 september 2025
ECLI:NL:HR:2025:1246 · Hoge Raad · 9 september 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2025-1246
Zaakgegevens
Op 9 september 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 september 2025
- Datum publicatie
- 5 september 2025
- Zaaknummer
- 24/00755
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1246
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Openlijke geweldpleging met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg na woordenwisseling in recreatiegebied, art. 141.2.2 Sr. 1. Noodweer, art. 41.1 Sr. Kon hof oordelen dat verdediging beroep op noodweer in hoger beroep niet heeft gehandhaafd? 2. Vordering benadeelde partij t.a.v. vergoeding van affectieschade. Kan b.p. (samenwonende partner van slachtoffer) worden aangemerkt als “levensgezel” a.b.i. art. 6:107.2.b BW? 3. Maximale duur van gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr.
HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 27 februari 2024
ECLI:NL:GHAMS:2024:394Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 27 mei 2025
ECLI:NL:PHR:2025:609Hoge Raad · 9 september 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1246
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/00755
Datum 9 september 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 27 februari 2024, nummer 23-001439-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2002,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
Namens de [benadeelde] heeft de advocaat F.J. Straathof een verweerschrift ingediend.
De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 september 2025.