Strafrecht overig

Medeplegen hennepteelt (art. 3.B Opiumwet), telen en aanwezig hebben van hennep in woning (art. 3.B en 3.C…

Hoge Raad, 2 december 2025

Zaakgegevens

Op 2 december 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 december 2025
Datum publicatie
10 oktober 2025
Zaaknummer
23/04785
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2025:1559
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Medeplegen hennepteelt (art. 3.B Opiumwet), telen en aanwezig hebben van hennep in woning (art. 3.B en 3.C Opiumwet) en diefstal van elektriciteit (art. 310 Sr). Verbeurdverklaring auto, art. 33a.1.c Sr. Kon hof oordelen dat auto aan verdachte toebehoort, nu deze op naam van zijn vader staat?

HR: art. 81.1 RO. Vervolg opHR:2023:614.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 22 november 2023

    ECLI:NL:GHARL:2023:9928
  2. Conclusie A-G · 16 september 2025

    ECLI:NL:PHR:2025:793
  3. Hoge Raad · 2 december 2025deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2025:1559

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/04785

Datum 2 december 2025

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 22 november 2023, nummer 21-001945-23, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat J. Kuijper bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 december 2025.