Strafrecht overig

Onderzoek Verdejo. Deelname aan criminele organisatie die gericht is op grootschalige handel in en uitvoer…

Hoge Raad, 9 december 2025

Zaakgegevens

Op 9 december 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 december 2025
Datum publicatie
4 december 2025
Zaaknummer
24/02940
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2025:1840
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Onderzoek Verdejo. Deelname aan criminele organisatie die gericht is op grootschalige handel in en uitvoer van hennep en hasj (art. 11b.1 jo. 11.3 en 11.5 Opiumwet). 1. Bewijsklachten gestructureerd samenwerkingsverband en deelname. 2. Bewijsklacht pleegperiode.

HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 24/02933, 24/02974, 24/02982 en 24/03275 P.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 25 juli 2024

    ECLI:NL:GHSHE:2024:3337
  2. Conclusie A-G · 18 november 2025

    ECLI:NL:PHR:2025:1271
  3. Hoge Raad · 9 december 2025deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2025:1840

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 24/02940

Datum 9 december 2025

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 25 juli 2024, nummer 20-001869-21, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat J.J.J. van Rijsbergen bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.

De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 december 2025.