Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Zaakgegevens

Op 24 november 1998 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Zittingsplaats
Den Haag
Datum uitspraak
24 november 1998
Datum publicatie
8 april 2013
Zaaknummer
108.505
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:1998:ZD3887
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 6 oktober 1998

    ECLI:NL:PHR:1998:ZD3887
  2. Hoge Raad · 24 november 1998deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:1998:ZD3887

Uitspraak

24 november 1998

Strafkamer

nr. 108.505

SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 28 oktober 1997 in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972, wonende te [plaats].

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een bij verstek gewezen vonnis van de Politierechter in de Arrondissementsrechtbank te Groningen van 10 januari 1997 - de verdachte ter zake van "overtreding van artikel 8, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wegenverkeerswet 1994" veroordeeld tot een geldboete van éénduizendvijfhonderd gulden, subsidiair vijftien dagen hechtenis, waarvan vijfhonderd gulden, subsidiair vijf dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de tijd van zes maanden.

2. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr S.C.M. Asselbergs, advocaat te Bergen op Zoom, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Fokkens heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.

3. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 101a RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of van de rechtsontwikkeling.

4. Slotsom

Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

5. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president Davids als voorzitter, en de raadsheren Schipper en Aaftink, in bijzijn van de waarnemend-griffier Van de Griend, en uitgesproken op 24 november 1998.