Strafrecht overig

Geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend. Verdachte n-o in cassatieberoep.

Hoge Raad, 2 juli 2013

Zaakgegevens

Op 2 juli 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 juli 2013
Datum publicatie
8 juli 2013
Zaaknummer
12/02365
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:68
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend. Verdachte n-o in cassatieberoep.

Procesgang

  1. Gerechtshof Leeuwarden · 20 maart 2012

    ECLI:NL:GHLEE:2012:BV9343
  2. Conclusie A-G · 14 mei 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:47
  3. Hoge Raad · 2 juli 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:68

    Niet ontvankelijk · Conclusie gevolgd

Uitspraak

2 juli 2013

Strafkamer

nr. 12/02365

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 20 maart 2012, nummer 24/000983-08, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Middelen van cassatie zijn namens deze niet voorgesteld.

De Advocaat-Generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2013.